schaken.jpgZo klein ze zijn, blijken kinderen al ware meesters te zijn in het 'onderhandelen'. Of eigenlijk moet ik zeggen 'uitproberen' in het kleuterjargon. Thomas heeft hier zo'n beetje vanaf het moment dat hij geboren was, geen enkele moeite mee gehad, het lijkt een aangeboren eigenschap.

Nu krijgen kersverse ouders veel goedbedoelde adviezen op het hart gedrukt, waarvan consequentie en duidelijkheid over het algemeen de voornaamste zijn op het gebied van opvoeden en dat is niet voor niets. Altijd duidelijk zijn tegen je kind en niet van de regels afwijken anders weten ze niet meer waar ze aan toe zijn, is het motto. Absoluut waar is inmiddels de ervaring. Ook moet je als ouder elkaar niet tegenspreken in een kinderkwestie, want ook daar worden kinderen niets wijzer van. Als ze een beetje slim zijn, gebruiken ze deze 'ouderlijke zwakheid' in hun voordeel.

Ooit kregen we in het kinderdagverblijf een heel goed advies van een lieve oppasjuf. Wees duidelijk tegen je kind, stel duidelijke grenzen en wijk daar niet vanaf. Het kind weet anders niet waar het aan toe is en wordt 'ongehoorzaam'. Op latere leeftijd krijgen ze (en ouders) daar problemen mee. Niets is minder waar hebben wij in de praktijk gemerkt. Als er iets is waar onze Thomas goed in is, dan is het wel zijn grenzen verleggen. Het gaat vanzelf bij hem. Hij heeft er veel behoefte aan om uit te vinden wat geoorloofd is en wat niet, dat geeft hem zekerheid. Thomas hoeft er dan misschien weinig aan te doen, wij als ouders daarintegen moeten hier dus heel duidelijk in zijn.

Vooral in het begin vonden wij het toch wel schattig, zo'n ondeugend boefje en 'gelukkig' geen brave Thomas. Ook hadden wij als ouders onze regels niet zo goed op elkaar afgestemd, zodat er nog weleens wat onduidelijkheid was over onze opvoedtechniek, die wij dan bespraken ten overstaan van de kleine man. Thomas was dan heerlijk aan het spelen, dus kon dat geen kwaad was de gedachte. Mis! De oren van een peuter/kleuter ontgaan weinig, is de ervaring. Op de één of andere manier schijnen kinderen hier een zesde zintuig voor te hebben en horen ze woord voor woord wat ze willen horen (wil je eens dat ze luisteren, dan kun je daar maar beter weinig moeite voor doen, dat doen zij immers ook niet!). Hoe klein ze zijn, weten ze al dat ze van eventuele discussies hun voordeel kunnen behalen, wat een wijsneuzen!

Thomas speelde(speelt) in de regel rustig door alsof er geen vuiltje aan de lucht was, echter in zijn kinderlijke onschuld maakt hij dan meestal een tijdje later een opmerking waarvan je weet dat hij een prima luistervinkje is. Soms bemoeit hij zich zelfs met het gesprek en dan weet je dat je niet goed bezig bent. Kinderen moeten nu eenmaal luisteren naar hun ouders, het moet geen discussie worden. Helaas hebben wij als ouders dit pas later door schade en schande moeten leren. Ook geldt, hoe ouder het kind is, hoe moeilijker het is om het bepaalde principes bij te brengen.

Bepaalt het karakter van het kind dan voor een groot deel de mate in hoeverre je kind zijn grenzen wil verleggen? Het ene kind zal het na één keer waarschuwen voor gezien houden, terwijl het andere kind je tot in den treuren zal blijven uitproberen. Thomas hoort bij deze laatste categorie. Ik sprak daar een keer over met een moeder van een klasgenootje van Thomas. Ze vertelde me, dat als ze een streep zou trekken op straat en zou zeggen dat haar zoontje hier niet overheen mocht, hij dat ook daadwerkelijk niet zou doen. Ik weet wel wat Thomas zou doen in zo'n situatie. Hij zou het als een uitdaging zien om deze hindernis zo snel mogelijk te nemen. Gelukkig voor mij, hoeft dit niet noodzakelijkerwijs aan de opvoeding te liggen, zo blijkt. Dezelfde moeder vertelde mij dat haar jongere dochtertje hier heel anders op zou reageren. Het meisje zou, net als Thomas, deze uitdaging graag aangaan. Het verwijt aan mezelf of wij als ouders in de peuterfase niet consequent genoeg voor hem zijn geweest, wordt enigszins verzacht door dit verhaal. Punt blijft dat je als ouder de verantwoording hebt om dit gedrag goed bij te sturen en niet toe moet geven aan de 'grensoverschrijdende' ontdekkingsperikelen' van je kind, daar is je kind echt niet bij gebaat. Opvoeding is aan jezelf te wijten. 

Het advies van de oppasjuf was een onbetaalbaar advies, hoe consequenter, hoe meer je van je kind kunt genieten en het kind zich kan ontplooien in positieve zin. Inplaats van gaten te schieten in jouw 'opdracht', kan het kind zijn energie gebruiken voor zijn eigen ontplooiing. Dat geeft het kind een stukje rust en (zelf)verzeker(d)heid en dat is een heel goede basis voor zo'n klein mensje.

Hoewel ik denk dat ook de opvoeding van Thomas met recht een uitdaging genoemd mag worden, lijkt onze opvoedkundige taak met dit inzicht wel een stukje draaglijker en zelfs leuker geworden. Al heb ik nog steeds niet de illusie dat een kind opvoeden gemakkelijk is natuurlijk en Thomas is nu eenmaal een ondernemend mannetje. Als hij een koekje mag, wil hij er twee, mag hij er twee, dan wil hij er drie en ga zo maar door. Vorig jaar zomer hoorden wij een vreemd geluid in de tuin van onze afwezige buren. Bij nader onderzoek bleek dat Thomas, samen met een vriendje hun tuinhek aan het opkrikken was. Ze hadden wat openhaardhout stammetjes uit onze tuin gepakt en het idee gevat om op deze manier hun hek toch open te krijgen, zodat ze konden zien of het buurjongetje echt niet thuis was... Niet nodig om te zeggen dat hier actie op moest volgen.

Als ouder hebben wij opvoedhuisregels gesteld, zodat we in ieder geval op één lijn zitten als het misgaat, daar valt niet meer aan te tornen door het slimme ventje. We zijn ook niet meer zo streng voor Thomas, maar wel consequent. Dat klink tegenstrijdig, maar dat is het niet.

Juist omdat Thomas vaak zo ondeugend was en waar mogelijk zijn grenzen verlegde, waren wij heel streng tegen hem. Echter hoeveel strengheid kan een peuter/kleuter aan? In het geval van Thomas, leidde dit tot heel veel frustratie en boosheid, die dan weer terugketste op ons, zodat het een vicieuze cirkel werd. Steeds vaker moesten wij hem straf geven en dat maakte de situatie er voor hem en dus ook voor ons, niet beter op. Heel soms zat hij wel eens een halve dag op zijn kamertje, hetgeen hij overigens wel braaf deed. Dat is nog zoiets tegenstrijdigs en tevens wonderlijks. Kinderen krijgen straf omdat ze niet luisteren, maar als ze dan bijvoorbeeld in de hoek moeten staan, doen ze dat braaf zonder zich ook maar een moment te bedenken dat ze gewoon uit de hoek kunnen komen, ze staan tenslotte niet vastgeketend. Als ze op hun kamertje moeten blijven, doen ze dat braaf, onder luid protest weliswaar, maar ze komen er niet eerder uit dan dat het mag. Verbazingwekkend, als je het mij vraagt, ze kunnen dus blijkbaar wel luisteren....

Nu hij meer vrijheden van ons krijgt, krijgt Thomas ook meer zelfwaardering en is meer zelfverzekerd. Dat maakt hem en het opvoeden 'eenvoudiger' (minder lastig eigenlijk) en soms zelfs leuk. Als wij boos zijn op hem moet hij op de gang staan, maar het is geen drama meer om er hierna met hem over te praten. Hij weet het en accepteert zijn straf en wij zijn excuses. Ook onze boosheid is niet altijd echte boosheid meer(ook niet echt gezond voor je bloeddruk als je het mij vraagt), maar een gespeelde boosheid, dat is heel wat beter voor jezelf en voor je relatie. Soms ook vraagt hij of we boos zijn voordat wij de kans krijgen om zelfs maar boos te worden. Volhardend blijven is dan ook een kunst natuurlijk, want anders begint het hele verhaal weer van voren af aan en hij is tenslotte fout geweest. Maar als hij je dan zo lief aankijkt met een vragend pruilmondje, valt dat niet altijd mee.

Natuurlijk kun je ook niet elk moment consequent of duidelijk in je opvoeding zijn. Soms ben je moe of gefrustreerd en gaan de regeltjes gewoon niet op, maar zolang dat meer uitzondering dan regel is, hoort het er gewoon bij.

Thomas is nu inmiddels 5,5jaar en begint te veranderen (net als zijn ouders op opvoedkundig gebied). Toch is hij het uitproberen nog lang niet verleerd. Vooral het oppasmeisje moet het ontgelden. Gelukkig is zij heel wat mans, ook al wil Thomas dat nog niet zo inzien. Thomas krijgt niet veel voet aan de grond bij haar, echter 'je weet maar nooit' schijnt hij te denken. Hij luistert dan braaf naar al onze goedbedoelde waarschuwingen, dat hij lief moet zijn en goed moet luisteren naar de oppas, dat hij goed zijn tanden moet poetsen en netjes zijn pyjama moet aandoen enz. Dan komen we thuis en slaapt hij met zijn trui en sokken nog aan. Ook verklaart hij dan met volle overtuiging dat hij geen tanden hoeft te poetsen en gewoon op de banken mag springen. 'Dat mag echt van mijn moeder hoor,' placht hij dan te beweren als het oppasmeisje opmerkt dat wij dat vast niet leuk vinden.

s'Avonds zie ik dan het mannetje tevreden slapend in zijn bedje, met zijn trui over zijn pyjama en zijn dikke sokken nog aan. Zal hij zijn streken ooit verleren, vraag ik mij dan af, maar moet ondanks dat vertederd glimlachen. Saai is onze Thomas zeker niet, het is een slim en lief mannetje. Hij zal vast en zeker op zijn pootjes terechtkomen, zolang wij maar de supervisie houden.